Uitgangspunt

Het meisje, de kat en het aambeeld

Zo begon het allemaal: Het was het door Emil Ziehl zelf getekende meisjesportret met de kat onder de arm, dat in belangrijke mate het noodlottige keerpunt in het leven van deze creatieve geest vormde. Hij groeide met vijf broers en zussen op in de hoef- en wagensmederij van zijn vader in Brandenburg en begon overeenkomstig de wens van zijn vader in de hofsmederij van de familie. Toen de laatste mentor van Emil, die zijn talent kende en waardeerde, dit hoorde, bezocht hij de vader met de tekening van het meisje in zijn tas om te redden wat er te redden viel. En met succes. De vader van Emil zag in dat zijn zoon niet voor het grove aambeeld was geboren. Hij stuurde hem daarom met zijn tekentalent naar de Rackow tekenschool in Brandenburg. Het meisjesportret dat de noodlottige ommekeer in zijn leven veroorzaakte, voorzag hij van de tekst van deze omstandigheid en plaatste daaronder zijn initialen „EZ“, die hij zijn leven lang niet meer veranderde.

Nadat hij de tekenschool met succes had voltooid, bezocht Emil die ook op technisch gebied begaafd was, de technische hogeschool. Na beëindiging van zijn studie kon hij op aanbeveling van zijn professor als constructeur bij AEG zijn eerste dienstbetrekking beginnen. Zijn inventieve technisch vaardigheden lieten hem snel tot grotere taken overgaan, namelijk tot de ontwikkeling van elektromotoren. Emil Ziehl leverde bij AEG pionierswerk bij het meten en testen van de dynamo's die hier werden ontwikkeld. Na de wissel in 1897 naar de Berliner Maschinenbau AG, vorm. L. Schwartzkopff, hield hij zich bezig met de ontwikkeling van een elektrische gyroscoop voor deze firma. De keizerlijke marine stelde hem voor testruns met de gyrokompas rond de eeuwwisseling een torpedoboot ter beschikking. Zo ontstond de eerste elektrisch aangedreven gyroscoop met cardanophanging. In 1900 ontving Emil Ziehl, als medewerker van de Berliner Maschinenbau AG, het patent hiervoor. Toentertijd gebruikte Emil Ziehl voor zijn elektrische gyroscoop al de om de eeuwwisseling getekende buitenrotormotor. Door de gepubliceerde en gepatenteerde gyroscoopontwikkeling kwam hij in alle regio's van de wereld en dus ook in de VS. In dienst van de Berliner Maschinenbau AG slaagt hij in verdere octrooi-aanmeldingen. Een van deze patenten kon hij in de VS profitabel verkopen. Hiervoor bedankte de Berliner Maschinenbau AG hem met een hoge premie. Met het gespaarde geld kocht Emil Ziehl in 1909 de Rolandwerke in Berlijn-Weißensee. Samen met een Zweed met de naam Abegg die eveneens een financieel aandeel beschikbaar wilde stellen, grondde Emil Ziehl op 2 januari 1910 de onderneming ZIEHL-ABEGG. Het was zover:


De blauwe periode begon

Helaas kwam, nog in het jaar van oprichting, de scheiding van Abegg nadat deze het beloofde kapitaal voor de gronding van de firma niet kon opbrengen en de door hem meegebrachte windmotorpatenten niet bruikbaar bleken te zijn. Omdat alle ontwikkelingen, zakelijke documenten, firmaborden onder ZIEHL-ABEGG al gereed en in omloop waren, besloot Emil Ziehl vanwege de kosten de naam ZIEHL-ABEGG maar te behouden. Evenals het bedrijfslogo dat in het oprichtingsjaar ontstond „Z A“ dat Emil Ziehl zelf had ontworpen. Tot op de dag van vandaag, 100 jaar later, heeft de „Z“, met de eronder liggende „A“, dat altijd al als driehoek werd gevormd, niets van de zakelijke en duidelijke uitstraling verloren. In de volgende jaren breidde Emil Ziehl zijn onderneming steeds verder uit, daarbij gesterkt door zijn uitstekende prestaties bij de ontwikkeling van speciale elektromotoren. De inmiddels viervoudige vader van drie meisjes en de lang gewenste en op 5 september 1913 eindelijk geboren stamhouder Günther Ziehl, waarop drie en een half jaar later nog de benjamin Heinz Ziehl volgde, werkte onvermoeibaar aan nieuwe ideeën op het gebied van gelijkstroommachines, dynamo's en draaistroommotoren. Ondanks politieke crises in de wereld en de oorlog kocht Ziehl nieuw industrieterrein aan de Industriebahn in Berlijn-Weißensee en breidde de onderneming verder met succes uit. Zijn creatieve prestaties brachten hem wereldwijd respect en erkenning. Hij publiceerde vele vakartikelen over de door hem ontwikkelde series, dynamo's en motoren. In 1914 richtte hij in Berlijn-Weißensee een bedrijf op voor de eerste serieproductie van elektromotoren. Hier ontstonden ook de eerste liftmotoren met omschakelbare polen.

De eerste luchtschepen die over de oceaan vlogen waren uitgerust met omvormers van ZIEHL-ABEGG. Later werkten de eveneens bij ZIEHL-ABEGG ontwikkelde F.-T.-dynamo's in alle Zeppelin-luchtschepen en Lufthansa-machines. In 1920 vernielde een noodlottige brand het grootste deel van zijn nieuwe fabriek. Maar deze tegenslag overwon Emil Ziehl - ook dankzij zijn trouwe en uitstekende medewerkers. Op grond van zijn goede contacten maar nog meer vanwege de uitstekende prestaties werd zijn onderneming zelfs bepalende onderleverancier van de firma Telefunken. Een bepaalde tijd liep meer dan 90 % van de totale productie onder het merk Telefunken.

Er ontstonden nog meer vooruitziende producten zoals een gelijkstroomdynamo met 10.000 Volt gelijkspanning bij 10 Kilowatt vermogen - te zijner tijd een sensatie -, onderwaterpompen met centrifugaalpompen, omvormers, aggregaten en vele andere. Een nog bestaande referentiebrief documenteerde toen al de hoogst betrouwbare kwaliteit van de Ziehl-Abegg-producten. Deze werd opgesteld door de luchtschepenbouwer Ferdinand Graf von Zeppelin over de uitstekende prestaties van de toentertijd geleverde hoogspanningsaggregaten van de F.-T.-installatie voor het luchtschip Graf Zeppelin.

1935 na grote ondernemingssuccessen vierde Emil Ziehl met zijn medewerkers, klanten, leveranciers en instanties zijn 25-jarig zakelijke jubileum. In dezelfde tijd begon Günther Ziehl, de oudste zoon van Emil Ziehl, met zijn studie aan de Technische Hogeschool in Berlijn-Charlottenburg. Hij was net als zijn vader technisch hoogbegaafd en reeds van kinds af aan geïnteresseerd in de processen en productie van de firma en hij werd al vroegtijdig door zijn vader op zijn toekomstige verantwoording voor de onderneming geattendeerd. Midden in de examens van Günther overleed de vader Emil op 1-6-1939, de creatieve geest, de grote doener, denker en oprichter van ZIEHL-ABEGG.

Diep geschokt en onder de indruk nam Günther Ziehl op de leeftijd van 28 jaar de bedrijfsleiding van ZIEHL-ABEGG over, een onderneming met inmiddels ca. 1.000 medewerkers. Emil Ziehl had nog voor zijn dood de algemene volmacht met alle rechten ook voor na zijn overlijden aan zijn eerstgeboren zoon overgedragen. Het buitengewone, grote vertrouwen en deze nalatenschap was voor Günther Ziehl een grote verplichting - zijn leven lang.

Günther Ziehl legde enkele weken na deze gebeurtenissen zijn staatsexamen tot Dipl. Ingenieur af en leidde de onderneming in de zin van zijn vader verder. Met veel moed en met de ondersteuning van beproefde medewerkers breidde de jonge Ziehl de onderneming verder uit. De productie van elektrische gyroscopen bij ZIEHL-ABEGG kwam niet uit de lucht vallen, tenslotte was het Emil Ziehl, die in de vorige eeuw octrooi had aangemeld voor deze beslissende uitvinding. Deze beslissing had echter in de komende oorlogsjaren ernstige consequenties voor de onderneming omdat deze productie ook niet verborgen bleef voor de Engelse spionagedienst. In 1943 bombardeerden de Engelsen de fabriek met brandbommen en in 1944, tijdens een grote aanval op Berlijn vielen er 24 bommen op de fabriek ZIEHL-ABEGG. Een geluksengel behoedde Günther Ziehl en zijn medewerkers voor het ergste. De bommen troffen enkel het adminstratiegebouw. Noch de medewerkers hadden schrammen opgelopen, noch de belangrijkste productiehallen werden door de aanval geraakt - de bommen sloegen verkeerd in.

Binnen de kortste tijd en dankzij de vele vlijtige handen van de ZIEHL-ABEGG medewerkers, startte de productie weer. Aan het einde van de oorlog moest Günther Ziehl de hele productie demonteren, in spoorwagons verpakken en aan de Russen overdragen. Gelukkig kon hij alle voor de productie noodzakelijke notities en tekeningen van de ZIEHL-ABEGG ontwikkelingen en belangrijke documenten in veiligheid brengen. En zo slaagde Günther Ziehl erin op avontuurlijke wijze uit de Sovjetzone naar Füssen in het westen te vluchten, waar hij met zijn kleine familie de daaropvolgende tijd leefde. Gelukkig kwam hij aan de weet dat ook de jongste broer Heinz met zijn familie de oorlog ongedeerd had doorstaan. In Füssen werkte Günther eerst als transportarbeider en ging na werktijd te voet naar de boeren in de omgeving om voor levensmiddelen alle elektrische apparaten te repareren die hij in zijn handen kreeg. Het duurde niet lang tot zijn technische vaardigheden in de regio de ronde deden. Overeenkomstig zijn ondernemersgeest ontwikkelde Ziehl daaruit snel een nieuwe handel. Spoedig vroeg Günther Ziehl bij de kamer van koophandel de noodzakelijke papieren aan voor de officiële vergunning voor zijn elektrische installatiebedrijf die hij na het tonen van zijn getuigschriften en diploma's van de TH Berlijn ook kreeg. Met moed tot risico maar ook bewust van zijn vaardigheden, nam de technisch vaardige Ziehl zijn eerste grote opdracht aan – de ontwikkeling van een 300 KVA-transformator. De opdracht was een succes en de door Günther Ziehl geleide speciale werkplaats voor elektrotechniek kreeg steeds meer aanzien. De wens van zijn vader verloor hij echter nooit uit het oog - en zo verzocht Günther zijn broer Heinz Ziehl, nu eveneens naar Füssen te verhuizen om samen met hem het levenswerk van zijn vader voort te zetten: de firma ZIEHL-ABEGG.


ZIEHL-ABEGG moet verder leven

Na talrijke problemen van nieuwe registratie en voortzetting van de onderneming lukte in 1947 een eerste doorslaggevende stap. Na de verhuizing naar Pfronten in de Allgäu, begonnen de broers weer een eigen motorenproductie. Ongeacht het probleem de naam ZIEHL-ABEGG in Kempten niet te kunnen aanmelden, voerden de broers de firma verder onder deze naam.

De landelijke ligging van het eerzuchtige bedrijf werd voor de handelsrelaties tot leveranciers en klanten echter steeds problematischer en de aansluiting aan een grote stad werd noodzakelijk. Een gelukkig toeval en de goede onderhandelingsvaardigheden van Günther Ziehl brachten dan in 1949 de beslissing om naar de nieuwe vestigingsplaats van ZIEHL-ABEGG, Künzelsau te verhuizen, in de nabijheid van de metropool in het zuidwesten van Duitsland, Stuttgart. De nieuwe registratie van de ZIEHL-ABEGG fabrieken in het handelsregister van Schwäbisch Hall werd mogelijk door Günther Ziehl, die tot het einde van de oorlog als laatste uitsluitend verantwoordelijke directeur van de Berlijnse ZIEHL-ABEGG fabrieken in dienst was. Met de omvangrijke berekeningen op filmrollen en andere noodzakelijke documenten die hij toentertijd tijdens zijn vlucht nog kon redden, werd een voortzetting op grond van het geestelijk eigendom en zonder transfer van financiële middelen mogelijk en eindelijk erkend.